Van plan tot vergunning
Beernd Janssen en Lucas Koldeweij, eigenaren van lager gelegen Wisselse papiermolens, maakten in 1710 plannen voor een derde molen bovenstrooms. Zij ruilden daarvoor een weiland met de Wisselse mark. Bruggen, waterpeil en waterverdeling werden in de overeenkomst geregeld: dieper graven dan de peilposten toelieten kon de lager gelegen molens benadelen. Op overtreding stond volgens de beschreven overeenkomst een ton bier.
Na bezwaren van andere moleneigenaren verleende de Gelderse Rekenkamer op 8 december 1714 vergunning. Dat is drie jaar na de registerdatering van de hoeve. Het woongebouw en de vergunde moleninrichting hoeven niet op hetzelfde moment gereed te zijn gekomen.
Papier uit lompen
Linnen en katoenen lompen waren de grondstof. Door waterkracht aangedreven hamers sloegen het textiel uiteen tot vezelpulp. De papiermaker schepte vellen, perste ze tussen vilten en hing ze te drogen. Het schone sprengenwater leverde zowel kracht als geschikt proceswater.
De opgeleide beek liep plaatselijk hoger dan het omringende maaiveld. Bij de molen ontstond daardoor het verval voor een bovenslagrad. Beek en waterval zijn nog leesbare resten van deze energievoorziening.
Eigendom, pacht en dagelijks leven
Aalt Barneveld kocht het complex in 1717; Ernst volgde in 1749. De verkoop aan Henricus Poll in 1789 omvatte volgens de molengeschiedenis grond en een aandeel in de waterrechten, voor circa 6.250 gulden. Poll bracht uiteindelijk de Wisselse molens in één bezit en verpachtte de Achterste Molen.
De inventaris van Klaas uit den Bogaard uit 1830 noemt ongeveer 250 riem drukpapier en 300 riem schrijfpapier, naast vee en huisraad. Het was een huishouden waarin woning, landbouw en productie nauw samenhingen.
Van papier naar boekweit
Via Johanna Poll en haar echtgenoot Daniël Jonker liep de eigendomsgeschiedenis verder. In 1854 werd de papiermolen een grutterij. Boekweit werd er tot grutten en meel verwerkt. In 1874 is een deel van het complex gesloopt.
Van de werktuigen bleef vrijwel niets over. Het terreinprofiel, de beekloop en de waterval maken nog begrijpelijk waarom het bedrijf juist hier stond.
Bewerkt uit de familie-uitgave De Achterste Molenhoeve, hoofdstukken 1–7 en de bijbehorende bronverwijzingen. Feiten, reconstructies en open onderzoeksvragen zijn onderscheiden.
Blader door het volledige boek · De lange tijdlijn